Gisteren mocht ik spreken over gokverslaving bij de vrijmetselaars van Arnhem. Via een eerdere spreekopdracht in Arnhem, hadden ze ‘me’ gevonden. Ik had even gegoogeld en dacht, waarom niet? Om het begrip ‘vrijmetselarij’ hangt een zweem van mystiek, iets Davinci-code-achtigs, en ik was vooral ook benieuwd. Wat is dit voor een club?

Leer van je medemens.

Eén van de elementen die ik vond rondom de vrijmetselarij van nu, is het principe om van je medemens te leren. Dat vind ik interessant, dat is tenslotte één van de principes van onderwijs ook, en van huis uit ben ik schoolmeester. Voorlichten over verslaving en binnen ‘mijn verhaal’ over gokverslaving is dat ook. Inmiddels voel en weet ik dat het werkt, story-telling en eerlijk bij jezelf blijven zijn krachtige principes. Dat kan voor een klas met pubers en bij casinopersoneel, dus waarom niet bij vrijmetselaars?

Wijsheid, na te streven.

Metselen in het wilde weg.

Wel grap ik in mijn ééntje van tevoren over vrijmetselaars. Al associërend, zie ik een groep bouwvakkers voor me, die na het startsein als een gek begint met metselen, op alles, door elkaar heen, specie knoeiend en stenen plakkend. Lekker zonder gespannen touwtjes, meetapparatuur of waterpas, door elkaar gewoon, zoals mijn gedachten soms ook gaan. Zoals soms de maatschappij op me over kan komen: iedereen doet -gedachteloos- zijn ding. Bij aankomst in de ‘loge’, net voorbij het viaduct tussen Arnhem en Velp, op Velps grondgebied, blijkt echter al snel anders. De inloop is net begonnen en in de ruimte vallen mozaïeken met de teksten ‘schoonheid’, ‘kracht’, en ‘wijsheid’ me op. Mooie begrippen en ruim te interpreteren. Denkend aan een discussie die momenteel over het begrip ‘ervaringsdeskundigheid’ loopt, glimlach ik vooral om het woord ‘wijsheid’. Wat hebben sommige oud-gokkers dat nodig zeg, al was het maar een beetje. Er zijn iets van dertig, veertig aanwezigen, in de leeftijd van twintig tot bejaard.

Wie speelt of gokt er wel eens?

Zoals meestal bij dit soort presentaties, begin ik daarmee. Een stukje algemeen besef, bijna iedereen ‘loterijt’, -bij deze een nieuw werkwoord- of doet wel eens een avondje HC. Eén iemand geeft aan te blackjacken op het internet. Dan wordt het tijd voor m’n persoonlijk verhaal, en weer voel ik even de weerzin: is het wel oké om je verhaal te vertellen én er een factuur voor te schrijven? -Ik roep mezelf tot de orde, heb er tijd ingestoken, doe goed werk voor weinig, en realiseer me dat alleen iemand ‘who’s been there’ dit kan vertellen.

Reacties.

Als ik besluit, komt het moment van reageren en vragen stellen. Inmiddels weet ik dat de gekste vraag niet gesteld kan worden, maar grappig is dat de vraag ‘hoeveel heb je nou al die tijd vergokt’ deze keer niet komt. Hij is dan ook totaal irrelevant. Wel een paar mooie reacties: ‘Die random-runner’ had mij ook te pakken, maar ik ben er toen maar mee gestopt.’ ‘Tja, ik niet, ik weet ook niet zo goed waarom,’ is mijn reactie. Een ander spreekt over een geheime fles whisky die hij heeft aangeschaft. Verslaving is een ongrijpbaar iets. De begrippen ‘mens, middel en milieu’ vallen en een gesprek over aanleg.

Kracht!!

Borrel.

Bij de borrel erna, blijkt dat mijn vrijmetselaar contactpersoon Roelf-Jan ‘mijn Dorien’ kent. Hij was apotheker, mijn vrouw is -nog steeds- huisarts in Arnhem. Een Gelders, medisch linkje. Een andere aanwezige blijkt op de school in Rotterdam waar ik werkte te hebben gezeten. The good-old Heybergschool in Rotterdam, Hillegersberg! De wereld is maar klein, eigenlijk, zeker in Nederland. Hij besluit uiteindelijk met: ‘Je mag trots zijn op je vrouw, wat een krachtig mens!’ Ik beaam dat. ‘Maar ook op jezelf.’ Dat beaam ik dan maar ook, met iets minder moeite dan de vorige keer. Het blijft een dingetje. Door de regen ga ik weer naar huis.